Wijkagenten en veranderingen in hun dagelijks werk

Wijkagenten en veranderingen in hun dagelijks werk
Gepubliceerd in in de categorie Politiewetenschap

Samenvatting
De wijkagent komt in Nederland in toenemende mate onder druk te staan door een steeds complexer wordende taak. De afgelopen jaren heeft de wijkagent te maken gehad met vele organisatorische veranderingen, deels samenhangend met de komst van de Nationale Politie in Nederland. De wijkagent neemt een centrale positie in binnen de Nederlandse politie. Daarbij zijn de ambities en de verwachtingen over wat wijkagenten zouden moeten (nog) verder toegenomen. Zij moeten zich nu bijvoorbeeld ook bezig houden met relatief nieuwe problemen zoals ondermijnende criminaliteit, tekenen van radicalisering of de vaak complexe problematiek van ‘verwarde’ personen. Dit blijkt uit onderzoek van de Radboud Universiteit in opdracht van het programma Politie en Wetenschap. Ondanks de veranderingen ten opzichte van tien jaar geleden valt vooral de grote mate van continuïteit op in het werk en de werkwijzen van wijkagenten.

De onderzoekers hebben tien jaar geleden al eens onderzoek gedaan naar het dagelijks werk van wijkagenten. In de vandaag gepubliceerde studie ligt de nadruk op de diepgang en het detail in het dagelijks werk van wijkagenten. Om die reden hebben langdurige observaties plaatsgevonden bij een beperkt aantal wijkagenten op verschillende locaties in Nederland. De bevindingen bieden een goed inzicht in de dagelijkse professionele taken van de wijkagent anno 2018.

De afgelopen decennia heeft het gebiedsgebonden werken binnen de Nederlandse politie een steeds belangrijker plaats gekregen. Ook in de plannen van de Nationale Politie werd aan de lokale inbedding van de politie groot belang toegekend. Ondanks de invoering van een nationaal politiebestel en de komst van de basisteams valt in de praktijk vooral de continuïteit op in het werk en de werkwijzen van wijkagenten. Op grote lijnen is hun werk niet erg veranderd in de afgelopen jaren. De nadruk in het werk van wijkagenten ligt nog steeds op nabijheid, aanspreekbaarheid, persoonlijk contact met bewoners, op veelal informele samenwerking met andere instanties en het bij voorkeur direct reageren op uiteenlopende problemen in wijk, buurt of dorp. Er is wel sprake van een grote variëteit in de werkwijzen die wijkagenten in de praktijk hanteren.

Tegelijk worden wijkagenten geconfronteerd met stijgende verwachtingen en ambities over wat zij in hun werk zouden moeten doen. Zo zouden zij volgens de plannen meer ‘probleemgericht’, ‘informatiegestuurd’ en ‘contextgedreven’ moeten werken. In de praktijk blijkt het vaak lastig deze ambities te verwezenlijken. Dat hangt deels samen met de vaak wat geïsoleerde positie van wijkagenten en de nadruk die in de basisteams vaak ligt op het noodhulp-werk. Daar komt bij dat de problemen waarop wijkagenten zich moeten richten in de loop van de tijd diverser zijn geworden. De afgelopen jaren zijn thema’s als radicalisering, spanningen tussen etnische bevolkingsgroepen, ‘ondermijnende criminaliteit’ en de uitwassen van de wereldpolitiek op wijkniveau op hun agenda gezet. Wijkagenten hebben bovendien te maken met de complexe en tijdrovende problematiek van ‘verwarde’ personen. Van wijkagenten wordt verwacht dat zij bovenstaande problemen in een vroegtijdig stadium onderkennen en signaleren en bijdragen aan het voorkomen en oplossen daarvan. Daarmee stijgen de verwachtingen, zowel bij bestuur, leiding, bevolking als media over wat wijkagenten zouden moeten doen en kunnen. Dat kan voor spanning zorgen gegeven de grenzen aan beschikbare middelen en capaciteiten.

Ondanks het feit dat de wijkagent binnen de Nederlandse politie niet meer is weg te denken, blijft zijn positie vaak wankel en tegenstrijdig. Van meerdere kanten wordt toenemend aan de wijkagent getrokken. In dit onderzoek wordt dan ook gepleit voor verdere professionalisering van en steun voor wijkagenten in hun dagelijks werk.    

Bestuurlijke bevoegdheden, politie en de lokale aanpak van onveiligheid

Bestuurlijke bevoegdheden, politie en de lokale aanpak van onveiligheid
Gepubliceerd in in de categorie Politiewetenschap

Samenvatting
Nieuwe bevoegdheden van burgemeesters voor de aanpak van lokale overlast en criminaliteit brengen gemeenten in een meer straffende rol. Dit blijkt uit onderzoek van de Radboud Universiteit Nijmegen. Het straffen van criminelen staat bij de toepassing van bestuurlijke bevoegdheden steeds meer centraal. Veel politiemensen, die bij de inzet van de bevoegdheden een belangrijke rol spelen, verwachten van de bestuurlijke aanpak dat criminelen zo harder kunnen worden aangepakt. In hun ogen compenseert dit het falen van het strafrecht. Zij leggen de verantwoordelijkheid voor de bestuurlijke aanpak nu volledig bij gemeenten en positioneren zich daarmee op afstand van gemeenten. Hierdoor schiet volgens gemeenten de informatie van de politie vaak tekort. Aandacht zou moeten worden besteed aan het verkleinen van de afstand en bevordering van de samenwerking. 

Nederlandse gemeenten hebben de laatste 25 jaar steeds meer bevoegdheden gekregen voor de bestrijding van lokale overlast en (dreigende) criminaliteit. Voorbeelden hiervan zijn de toepassing van gebiedsverboden, woningsluitingen en Bibob-onderzoeken. In dit onderzoek is nagegaan hoe deze bevoegdheden in de praktijk worden toegepast. Welke rol speelt de politie daarbij en welke gevolgen heeft de toepassing van deze bevoegdheden voor het lokale politiewerk? Dit is gedaan door bij vijftien gemeenten interviews af te nemen met betrokken gemeentemedewerkers en politiemensen. Daarbij zijn ook tien gevallen waarin burgemeestersbevoegdheden zijn toegepast, bestudeerd. 

Dit onderzoek laat zien dat de bestuurlijke aanpak van overlast en criminaliteit niet alleen wordt gebruikt voor herstel van de openbare orde, maar dat ook bestraffing en bevordering van strafrechtelijke vervolging wordt nagestreefd. Dit roept de vraag op of deze bevoegdheden wel worden gebruikt op een wijze zoals oorspronkelijk bedoeld. 

De politie speelt bij de toepassing van burgemeestersbevoegdheden een cruciale rol. Deze studie laat zien dat zij vaak het initiatief neemt problemen van overlast en criminaliteit aan te pakken met behulp van bestuurlijke bevoegdheden. De politie voorziet de gemeente daartoe van informatie. Volgens veel politiemensen kost deze aanpak, in vergelijking met strafrechtelijke procedures, weinig werk en kunnen criminelen toch worden aangepakt. De bestuurlijke aanpak levert in de ogen van veel politiemensen snelle en zichtbare interventies op die kunnen dienen als alternatief voor het ervaren falen van het strafrecht. Toch richt een deel van de politiemensen zich vooral op een strafrechtelijke aanpak. Zij zien voor zichzelf een beperkte rol weggelegd bij de bestuurlijke aanpak. Gemeenten zijn echter bij de toepassing van de bevoegdheden in grote mate afhankelijk van de informatie die zij van de politie krijgen. Deze schiet volgens gemeentemedewerkers regelmatig tekort. Een deel van de gemeenten probeert daarom de eigen rol en positie bij de aanpak van lokale veiligheidsproblemen uit te breiden. Dit versterkt het ook eerder gesignaleerde beeld van een straffende burgemeester.