Podcast & Video
Downloadables

De gezinscontext van terrorismeverdachten in Nederland

Kenmerken en criminaliteit van ouders, broers en zussen
2020
E. Rodermond, K. Monster, F. Weerman
Politiewetenschap 102A
Samenvatting

De gezinnen van terrorismeverdachten in Nederland lijken sterk op gezinnen van verdachten van andere vormen van criminaliteit. In de gezinnen is relatief vaak sprake van een lage sociaaleconomische status en samengestelde gezinnen. Verder plegen ouders, broers en zussen vaker delicten dan binnen gezinnen uit de algemene populatie. Toch komt het maar sporadisch voor dat meerdere personen uit één gezin verdachte worden van een terroristisch misdrijf. Dit blijkt uit grootschalig onderzoek van het Nederlands Studiecentrum voor Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en de Vrije Universiteit Amsterdam in opdracht van het Onderzoeksprogramma Politie en Wetenschap. Hoewel de gezinscontext een voedingsbodem kan bieden voor het proces van radicalisering, lijkt het er dus op dat de onderzochte gezinskenmerken een meer algemene negatieve invloed op (delinquent) gedrag hebben. Ook individuele factoren spelen echter een rol: niet ieder kind in het gezin wordt verdachte van een (terroristisch) misdrijf. Het is goed om aandacht te besteden aan mogelijk beschermende factoren. De gezinscontext wordt beschouwd als een van de factoren die van belang kan zijn bij radicalisering en het plegen van terroristische misdrijven. Hoe belangrijk het gezin is als risicofactor en op welke manier, was tot nu toe echter nog onduidelijk. Hier is nu voor het eerst kwantitatief onderzoek naar gedaan. Daarbij zijn individuele kenmerken en eventuele betrokkenheid bij criminaliteit van de (stief)ouders, (half)broers en (half)zussen (‘siblings’) van terrorismeverdachten in kaart gebracht. Dit is gedaan via een koppeling tussen een geanonimiseerde lijst van terrorismeverdachten van het Openbaar Ministerie en gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Grotere en gebroken gezinnen, lage sociaaleconomische status Uiteindelijk konden de onderzoekers de gegevens analyseren van 226 terrorismeverdachten en hun 792 (half)broers/-zussen en 463 (stief)ouders. Zij maakten een vergelijking met ruim duizend verdachten van andere vormen van criminaliteit en hun gezinsleden, en met personen uit de algemene populatie en hun gezinsleden. Het blijkt dat terrorismeverdachten uit gemiddeld grotere gezinnen komen dan personen uit de algemene populatie, en dat er vaker sprake is van een samengesteld gezin met minimaal één stiefouder en één of meer halfbroers/-zussen. Daarnaast hebben de gezinsleden van terrorismeverdachten een lagere sociaaleconomische positie dan gezinsleden van personen uit de algemene populatie. Deze demografische en sociaaleconomische kenmerken lijken sterk op die van de gezinsleden van verdachten van andere vormen van criminaliteit. Criminaliteit binnen de gezinnen van terrorismeverdachten Het komt maar weinig voor dat meerdere personen uit één gezin terrorismeverdachte worden. Daarnaast worden de broers/zussen van terrorismeverdachten vaker verdachte dan de broers/zussen van personen uit de algemene populatie, maar minder vaak dan de broers/zussen van de groep van verdachten van andere vormen van criminaliteit. Interessant is ook dat een groter deel van de ouders van terrorismeverdachten, in vergelijking met de ouders van de algemene populatie, op enig moment werd verdacht van een delict. Tegelijkertijd blijkt dat de ouders van terrorismeverdachten van gemiddeld minder delicten werden verdacht dan ouders van verdachten van andere vormen van criminaliteit. In grote lijnen lijkt de criminele voorgeschiedenis van de gezinsleden van terrorismeverdachten echter sterk op die van de gezinsleden en gezinnen van andere verdachten. Terrorismeverdachten en hun broers/zussen Tot slot zijn de terrorismeverdachten vergeleken met zo veel mogelijk vergelijkbare (‘gematcht’ op leeftijd en geslacht) broers/zussen uit dezelfde gezinnen. De broers/zussen zijn wat vaker hoog opgeleid, en de werk- en inkomenssituatie van de broers/zussen is een jaar voor de verdenking gunstiger dan dat van de terrorismeverdachten zelf. Met betrekking tot de criminele voorgeschiedenis blijkt dat terrorismeverdachten binnen het gezin veel vaker verdacht zijn geweest van verschillende soorten delicten dan hun broers/zussen, en vaker een periode in detentie zaten dan hun broers/zussen. Meer aandacht voor beschermende factoren De broers/zussen van terrorismeverdachten wijken dus op een aantal kenmerken significant af van de terrorismeverdachten en het komt maar sporadisch voor dat meerdere personen uit één gezin verdachte worden van een terroristisch misdrijf. Dit toont aan dat bepaalde gezinskenmerken niet zonder meer de kans verhogen om (terrorisme)verdachte te worden. Bepaalde individuele factoren van de broers en zussen werken mogelijk beschermend tegen de in potentie negatieve invloed van de gezinscontext. Het is daarom belangrijk om diepgaander te onderzoeken waarom sommige gezinsleden, ondanks bepaalde gedeelde risicofactoren, niet radicaliseren en niet met terrorisme in aanraking komen.

Recente Publicaties

De onvindbaren
Op zoek naar voortvluchtige veroordeelden in Nederland
2017
Politiekunde
Politiekunde
Samenvatting
Er staan ongeveer 11.000 tot een gevangenisstraf veroordeelde voortvluchtigen op de nationale opsporingslijst en deze worden niet altijd actief opgespoord.
Politieagent worden
Socialiseren in de wereld van de politie
Dr. Wouter Landman, Dr. Hendrik Sollie, Vere König MSc
Politiewetenschap
Hit-and-run acties
Een fenomeenonderzoek naar de omvang, aard en impact van hit-and-run-acties, de profielen van de deelnemers en de kansen voor de aanpak
Joey Wolsink, Marjolein Nillessen, Henk Ferwerda
Onderzoeksverslagen
Slachtoffers van online seksueel geweld
Behoefteonderzoek
F. Makrani, S. de Wilde, M. van Rijsewijk
Onderzoeksverslagen
Herinneringen aan misbruik van langer geleden’
De betrouwbaarheid van (hervonden) herinneringen aan misbruik
M. ter Beek, H. Otgaar, B. Verschuere
Politiewetenschap
Bruggenbouwers
Deel uitmaken en sturen van lokale samenwerkingverbanden voor veiligheid en leefbaarheid
A. Walberg, N. van der Kolk, R. Spithoven
Politiekunde
Online Blauw
Een onderzoek naar de rol van basisteams in de aanpak van digitale criminaliteit en ervaringen van slachtoffers met de Politie
Ronald van Steden, Sandra ter Woerds, André Merk, Kristiaan Schuppers, Melissa Willekers, Daphne Valk-van Waarde, Roselle Jansen en Stijn Ruiter
Politiekunde
Toxicologische urinesneltest
Van data naar innovatie en opleiding
Corine Bethlehem, Joanne Michielse, Prof. Dr. Birgit Koch
Onderzoeksverslagen
Conflictmanagement door collectieve inspanning.
Een video-observatiestudie naar de samenwerking tussen stewards en politie tijdens het de-escaleren van conflicten op straat’
M. van Dalen, P. Ejbye-Ernst, J. Thomas, M. van Bruchem, L. Suonperä Liebst, M. Rosenkrantz Lindegaard
Politiekunde
Politiestraatwerk en informatiegebruik.
Een longitudinale studie (1991-2023) over gevolgen van digitalisering
W. Stol, L. Strikwerda, J. Jansen, W. Schreurs
Politiewetenschap
Bewegende beelden
Een onderzoek naar de meerwaarde van live video voor politiewerk
S. Flight
Politiekunde
Polarisatie, escalatie en alledaagse vrede
Aandachtswijken onder een vergrootglas
L. Slooter
Politiewetenschap
Onderhandelen, betalen en melden na slachtofferschap van ransomware
Een mixed methods onderzoek naar de factoren die bijdragen aan beslissingsgedrag van burgers en ondernemers
S. Matthijsse, S. van 't Hoff-de Goede, R. Leukfeldt
Politiekunde