Overvallen in beeld

Overvallen in beeld
Gepubliceerd in in de categorie Politiewetenschap

Gedrag van daders, slachtoffers en omstanders (2016). M.R. Lindegaard, W. Bernasco en T. de Vries (Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving, Amsterdam). Politiewetenschap 90

Samen of apart

Samen of apart
Gepubliceerd in in de categorie Politiewetenschap

De invloed van overleg tussen agenten bij het opstellen van het proces-verbaal (2016). A. Vredeveldt, L. Kesteloo en P.J. van Koppen (Vrije Universiteit, Amsterdam). Politiewetenschap 89

Politie en GHB-problematiek op het platteland

Politie en GHB-problematiek op het platteland
Gepubliceerd in in de categorie Politiewetenschap

Samenvatting
In het afgelopen decennium heeft het gebruik van GHB zich vanuit de Randstad verspreid naar het platteland. GHB is een illegaal vloeibaar narcosemiddel dat bij een kleine dosering (meestal 4-5 ml) een als aangenaam ervaren roes teweegbrengt. De dosering luistert nauw en bij een miniem beetje meer raakt de gebruiker in coma. De politie op het platteland wordt geconfronteerd met lokale handel in GHB en aan GHB-gebruik gerelateerde problemen op het terrein van gezondheid, openbare orde en criminaliteit. Overdosering (coma) is eerder regel dan uitzondering en vindt vooral plaats binnenshuis, maar ook wel in de openbare ruimte en in het verkeer. De problematiek is over verschillende regio’s verspreid, maar concentreert zich vooral in bepaalde gebieden en kernen (‘brandhaarden’) in het Noorden, Oosten en Zuiden van het land. Dit blijkt uit een onderzoek van de Universiteit van Amsterdam.

Voor het onderzoek is gebruik gemaakt van een breed scala aan onderzoeksmethoden; deskresearch, focusgroepen, casusbeschrijvingen, feedbackmeeting en uitgebreide observatie ter plekke. De GHB-markt in de  ‘brandhaarden’ kwam tot bloei in kleine lokale scenes van gebruikers die elkaar van de straat en/of het uitgaansleven kenden. GHB-verkopers hebben vervolgens in betrekkelijke luwte hun afzetmarkt kunnen vergroten. De korte distributielijnen en de geringe sociale afstand tussen dealers en gebruikers droegen daar aan bij.

GHB-gebruik
Op gebruikersniveau bestaat de GHB-markt uit een mix van zelf maken, kopen, (door)verkopen, (gratis) weggeven en krijgen. De GHB-gebruikers wonen voornamelijk in (delen van) bepaalde dorpen, gehuchten of volksbuurten binnen de ‘brandhaarden’. Deze onderscheiden zich door meer werkeloosheid, maar ook door een sterk arbeidsethos. Het zijn ook hechte gemeenschappen met een gesloten karakter en sinds jaar en dag een zekere argwaan jegens het gezag. De combinatie van kleinschaligheid en geslotenheid zorgt ervoor dat groepjes gebruikers nauw met elkaar verweven zijn en dat (potentiële) jongere GHB-gebruikers optrekken met oudere gebruikers. Dit vergroot de kans om met GHB in aanraking te komen en ermee door te gaan.
Het profiel van frequente GHB-gebruikers op het platteland kenmerkt zich door een brede leeftijdsspreiding. De grootste groep bestaat uit twintigers en begin-dertigers. Het zijn vrijwel uitsluitend ‘witte’, relatief laagopgeleide en in meerderheid mannelijke gebruikers. Zij hebben ruime ervaring met het gebruik van andere middelen. Veel van hen zijn meermaals in contact geweest met de politie vanwege hun GHB-gebruik.

GHB-problematiek en politiepraktijk
De aan GHB gerelateerde meldingen die bij de politie binnenkomen gaan voornamelijk over gezondheidsproblemen en/of openbare orde en veiligheid. De politie wordt ook geconfronteerd met agressief gedrag van GHB-gebruikers, verloedering en rijden onder invloed van GHB. Sommige gebruikers dealen om het eigen gebruik te bekostigen. Daarnaast is er vermogenscriminaliteit, zoals winkeldiefstal, inbraak en het stelen van fietsen en brommers. De politie gaat steeds intensiever samenwerken met jongerenwerk en hulpverlening. Door plaatsing van GHB op lijst I van de Opiumwet (harddrugs) kreeg de politie meer handvatten om ‘harder’ op te treden jegens handel en bezit. Politie en de andere partners zijn zich ook scherper gaan opstellen jegens beginnende en verslaafde gebruikers. Met de meer integrale aanpak is de GHB-problematiek in de openbare ruimte fors verminderd. GHB-handel en -gebruik hebben zich grotendeels verplaatst naar het privédomein. Politiemensen zijn bezorgd over de behandeling van GHB-verslaafden. De praktijk is dat zij na een afkickbehandeling vaak weer terugvallen in gebruik. Een betere nazorg kan voorkomen dat het probleem daarmee weer op het bordje van de politie terecht komt.

Demonstratieve kampementen

Demonstratieve kampementen
Gepubliceerd in in de categorie Politiewetenschap

Samenvatting
Demonstratieve kampementen komen de laatste jaren veel voor. Vanwege hun vorm en ook duur zijn de maatschappelijke lasten vaak hoog. Burgemeesters en politie worstelen om die reden met de vraag hoe om te gaan met deze nieuwe demonstratievorm. Onderzoekers van de Rijksuniversiteit Groningen zijn op zoek gegaan naar een oplossing die recht doet aan zowel de fundamentele betogingsvrijheid als aan de rechten, vrijheden en belangen van anderen. Aan de hand van een rechtsvergelijkende analyse van het Duitse, Engelse en Europese recht hebben zij verschillende beperkingsmethoden gevonden. Nadat zij die op hun bruikbaarheid en rechtsstatelijkheid hebben getoetst, concluderen zij dat toepassing van de zogenoemde kernrechtleer de beste oplossing biedt. Deze leer maakt een onderscheid tussen enerzijds de kern van het betogingsrecht – dat wil zeggen het gemeenschappelijk in het openbaar uiten van een mening – en anderzijds de uitingsvorm. Zolang aan iedere uitingsvorm, in dit geval het kampement, ruimte van enige betekenis wordt gelaten, blijft de kern van het betogingsrecht onaangetast. Er kan dus met tenten worden gedemonstreerd, maar slechts op gezette tijden.
Uit literatuur- en jurisprudentieonderzoek en interviews met voor betogingen verantwoordelijke gemeente- en politieambtenaren van de G4 blijkt dat de problematiek behoorlijk groot is. Kampementen van actiegroepen als onder meer Occupy en uitgeprocedeerde asielzoekers zijn terugkerende fenomenen die lokale bestuurders en politie grote zorgen baren. De tentenkampen vinden plaats op terreinen die hiervoor absoluut niet geschikt zijn. Door het ontbreken van de meest essentiële voorzieningen gaan zij vaak gepaard met onhygiënische toestanden waardoor serieuze gezondheidsproblemen dreigen, alsook hinder en brandgevaar, niet alleen voor de betogers zelf, maar ook voor omwonenden. Er is behoefte bij gemeenten en politie aan een bevoegdheid om deze betogingsvorm verdergaand te kunnen beperken dan nu mogelijk is. Echter niet om te verbieden, want dat zou onevenredige afbreuk doen aan de grondwettelijk en verdragsrechtelijk beschermde betogingsvrijheid.

Demonstratieve tentenkampen van min of meer permanente duur vormen een wereldwijd probleem. Bij het zoeken naar een aanvaardbare oplossing kunnen Nederlandse autoriteiten daarom kijken naar de ervaringen in het buitenland. De onderzoekers richtten hun vizier met name op het Duitse en Engelse rechtssysteem en het Europese recht zoals vormgegeven door het Europese Hof. Van de geanalyseerde beperkingsmethoden komt die waarbij de uitingsvorm beperkte bescherming geniet er als beste uit. In tegenstelling tot de andere methoden morrelt zij niet aan de reikwijdte van het grondrecht en laat zij de kern van het recht tot betoging onaangetast. Demonstreren door middel van een tentenkamp moet toegestaan blijven – om de vrijheid van betoging de ruimte te laten die haar toekomt – maar de gemeente mag wel voorwaarden stellen aan de duur en het moment.

Voor deze methode is geen wetswijziging vereist. Rechtbanken pasten deze beperkingswijze al enige keren toe bij demonstratieve kampementen. Het wachten is op de hoogste bestuursrechter.

Private ordebewaarders bij betogingen

Private ordebewaarders bij betogingen
Gepubliceerd in in de categorie Politiewetenschap

Samenvatting
Demonstraties zijn tegenwoordig aan de orde van de dag. Dat brengt de nodige kosten mee voor de overheid. Onderzoekers van de Rijksuniversiteit Groningen hebben onderzocht of die kosten omlaag kunnen door organisatoren en deelnemers zelf verantwoordelijk te maken voor het ordelijk verloop van demonstraties. In Duitsland en Engeland is men hierin geslaagd, zonder het fundamentele recht om te betogen uit te hollen of de openbare orde in gevaar te brengen. Organisatoren zijn in Duitsland verplicht private ordebewaarders in te zetten. In Engeland hanteert men een meer op communicatie gericht beleid, waarbij private ordebewaarders een belangrijke rol innemen. De Duitse en Engelse aanpak heeft ertoe geleid dat demonstraties ordelijker verlopen en men minder politie hoeft in te zetten. De onderzoekers stellen voor een vergelijkbare aanpak ook in Nederland in te voeren.

Het Duitse demonstratierecht vereist een organisator bij iedere demonstratie en verplicht de organisator tot de inzet van private ordebewaarders. In Engeland is het demonstratiebeleid recentelijk op de schop gegaan: de politie investeert daar tegenwoordig veel meer in de communicatie met demonstratieorganisatoren en hun ordebewaarders. Niet alleen voorafgaand aan en tijdens demonstraties, maar ook na afloop ervan. Dit heeft geleid tot een reducering van de kosten en daarmee een verlichting van de druk op gemeenten, politie en samenleving. Een bijkomend effect is dat betogingen minder vaak ontaarden in wanordelijkheden, zodat ook de internationaalrechtelijk verankerde fundamentele betogingsvrijheid niet in het gedrang komt.

Het huidige Nederlandse recht biedt voor de verplichting van private ordebewaarders bij betogingen onvoldoende formeel-wettelijke basis. Een wijziging van de Wet openbare manifestatie is daarom noodzakelijk. Bij een eventuele herziening kan de Duitse en Engelse regeling model staan.