Huiselijk geweld gemeld en dan...?

(2015). R.M. Vink, H. van den Broek, L.V. van Harten, E. Lenting en P. Elzinga (TNO, Leiden). Verkenningen 77

Samenvatting
In dit onderzoek is gekeken naar de afhandeling van huiselijk geweld incidenten door de politie. Een kwantitatief onderzoek is uitgevoerd via de BVH-database 2013 en 2014 van de politie-eenheid Amsterdam. Kwalitatief onderzoek is op landelijk niveau uitgevoerd. Huiselijk geweld incidenten werden ingedeeld in vier categorieën:

  • Incidenten met uitsluitend strafrechtgerichte componenten.
  • Incidenten met uitsluitend bestuursrechtelijke componenten (in het kader van de wet Preventief Huisverbod).
  • Incidenten met zowel strafrechtelijke als bestuursrechtelijke componenten (‘samenloop’).
  • Incidenten zonder strafrechtelijke of bestuursrechtelijke componenten (‘restcategorie’).

Van de ongeveer 7000 jaarlijkse huiselijk geweld incidenten in Amsterdam, volgt ongeveer een vijfde uitsluitend een strafrechtelijk traject en ongeveer tien procent alleen een bestuursrechtelijke afhandeling. Wanneer we de samenloop verrekenen, betekent dit dat de helft van de incidenten géén strafrechtelijk en/of bestuursrechtelijk vervolg krijgt en dat ook niet bekend is welke inspanningen dat van de politie dan wel of niet vraagt (restcategorie).
In Amsterdam bleek in het merendeel van de incidenten van zowel de restcategorie als
bestuursrechtelijke categorie, de maatschappelijke klasse ‘ruzie/huiselijk twist’ te zijn gebruikt. Dit zou wellicht iets kunnen zeggen over de (geringere) zwaarte die wordt toegekend aan incidenten in deze categorieën. Vooral omdat ‘lichamelijk’ het meest wordt aangetroffen in de categorie strafrechtelijk. In de restcategorie wordt bij tien procent van de ‘lichamelijke’ incidenten desondanks ook een mes en/of slagwapen aangetroffen.
Zorgelijk is dat er in Amsterdam niet altijd bij betrokkenheid van minderjarigen een zorgmelding wordt gedaan bij Veilig Thuis terwijl dit wel protocol is. Dit gebeurt niet in ongeveer een derde tot de helft van het totaal aantal huiselijk geweld incidenten waar een of meer minderjarigen bij betrokken zijn, blijkens het Amsterdamse BVH. De meeste zorgmeldingen komen voort uit bestuursrechtelijke afhandelingen, mogelijk doordat er bij de risicotaxatie expliciet wordt gevraagd naar minderjarigen.

Het kwalitatieve landelijk uitgevoerde onderzoeksdeel met interviews, focusgroepen en digitale vragenlijst onder politiemedewerkers, vertoont een genuanceerder beeld. Sommige coördinatoren huiselijk geweld gaan handmatig na welke incidenten alsnog als huiselijk geweld moeten worden aangemerkt en overleggen met Veilig Thuis en/of Veiligheidshuis welke acties per casus ondernomen moeten worden. De focus ligt wel vooral op opsporing en minder op wat er nodig is om het geweld te doen stoppen of de veiligheid van slachtoffers te bewerkstelligen. Ook blijkt de restcategorie soms een ‘gemakkelijker’ weg en is niet altijd bekend dat wanneer kinderen niet op de hoogte zijn van het geweld dit toch een vorm van kindermishandeling is.

Verder bleken de volgende knelpunten bij de afhandeling van huiselijk geweld incidenten.

  • gebrek aan tijd en capaciteit,
  • beperkte aangiftebereidheid bij slachtoffers en/of motivatie door politiemedewerkers,
  • onvoldoende kennis en vaardigheden, geen intervisie of evaluaties als ‘lerende organisatie’,
  • knelpunten in de samenwerking met Veilig Thuis en hulpverlening,
  • fragmentatie van expertise door het meer generalistisch moeten werken,
  • onzorgvuldige implementatie van en sturing op nieuwe werkwijzen, protocollen en afspraken.

Aanbevelingen op grond van de bevindingen zijn:

  • Verdiepend dossieronderzoek uit te voeren.
  • De monitor (meer)jaarlijks en landelijk of in andere politie-eenheden in te zetten. 
  • Verbeterslagen te maken op de geconstateerde knelpuntgebieden via:
    • ICT en registratie (o.a. één huiselijk geweld –formulier).
    • Intervisie en scholing met aandacht voor attitude, kennis over (herkennen van) huiselijk geweld, gesprekstechnieken en motiveren tot het doen van aangifte.
    • Intensivering en verbeteren van de samenwerking met Veilig Thuis, aanscherpen van afspraken en sturing daarop, zoals het standaard nagaan of er minderjarigen betrokken zijn bij een huiselijk geweld incident.
    • Focus op het gezamenlijk, in de keten, stoppen van huiselijk geweld.
    • Onderzoek of de risicotaxatie voorafgaand aan een huisverbod efficiënter kan.
    • Onderzoek de mogelijkheid van specialistische teams.

 

U staat op het punt om Huiselijk geweld gemeld en dan...? bestanden te downloaden. Druk op 'Download bestand' voor het betreffende bestand.

  • VK77.pdf
  • VK77.Kerngegevens.pdf
terug